Worsteling uit het Web

Yfke Laanstra

Het was voorjaar 2017. Mijn boek ‘Bits, Bytes & Bewustzijn’ was af, mijn schrijftaak zat erop. Het lag in de winkels en mijn boodschap was toegankelijk gemaakt voor het grote publiek. In de vorm van een boek met een gratis app. Ik weet nog goed dat ik me bewust het moment realiseerde dat het af was. Ik wilde nog een hoofdstuk herschrijven maar alles wat ik toen wilde zeggen was gezegd en de volgorde klopte. Ik had zojuist de laatste regels getypt en met een enorme glimlach op mijn gezicht belde ik vol trots m’n moeder. ‘Het is volbracht!’, riep ik door de telefoon.

Wat een bijzonder proces en wat een verademing om zoveel op een rijtje te kunnen zetten, om zoveel ruimte tot mijn beschikking te hebben zodat ik een grotere context kon schetsen. Over mijn passie voor het snijvlak van bewustzijn en computertechnologie. Wat ontzettend leerzaam voor mezelf ook, want dit maakte het voor mij nóg overzichtelijker en de urgentie om dit naar buiten te brengen feitelijk nóg hoger.

Wat ik me over mijn boek pas maanden later zou realiseren was tergend confronterend en pijnlijk ironisch. Zelfs ietwat hilarisch.

Het begon eigenlijk al bij de voorbereidingen voor de boeklancering. De aanloop hiertoe was één groot verdrinkingsproces. Kolkende stromen aan data wist ik niet in goede banen te leiden. Ik verzoop maandenlang in slides, info en het doen van research naar hét perfecte beeld en dé perfecte opbouw. Dag in dag uit sloot ik me op in mijn werkkamer, achter m’n beeldscherm, met de zoveelste mind map in de aanslag. Af en toe kwamen er golven van inspiratie en probeerde ik deze driftig te vangen in een structuur. Tevergeefs. Zodra ik een poging waagde, ebde de inspiratie weer weg en bleef ik spartelen in hardnekkige poelen van vertwijfeling. Ik besloot uiteindelijk de teugels iets te laten vieren, te vertrouwen op een goede afloop en kon toch nog enigszins ontspannen op de dag van de lancering. Maar het mocht niet baten: tijdens de presentatie stierf ik duizend doden en wenste ik dat ik weer onder m’n steen mocht kruipen, achter m’n veilige laptop, in oneindige online surfsessies. Een tsunami van zelftwijfel, onzekerheid en oordelen overspoelde me. Ondanks de positieve reacties en de daarop volgende uitnodigingen voor lezingen. Mijn keiharde innerlijke criticus had er echter geen goed woord voor over. Een indringende ervaring maar gelukkig had ik me 24 uur later weer bij elkaar geraapt: een mogelijkheid tot groei had zich immers aangeboden. Vol goede moed ging ik verder. Vele lezingen volgden en de ervaringen wisselden van volledig in m’n sweet spot te zijn tot volkomen misplaatstheid en alles er tussenin. Tot ik op een zeker moment inzag dat ik me verstopte achter een beamer, in de schaduw van technologie, en mezelf niet echt liet zien. Dat ik het gevoel kreeg dat ik vastzat in een concept, in een vorm die me niet lekker zat. Me mee liet voeren door bestaande percepties van technologie en deze (onbewust) mee hielp uitdragen. Terwijl dit niet míjn verhaal was. Ik wilde niet de mensheid enkel waarschuwen voor technologie, een of andere polariteit helpen versterken of het einde van de wereld aankondigen. Ik wilde juist de start van een nieuwe werkelijkheid belichten, daar waar de mens en technologie hand in hand kunnen gaan. Met de mens aan het stuur welteverstaan en bewustzijn als sleutel.

Ik stagneerde, raakte mateloos gefrustreerd, struikelde en viel. Ik besloot in het najaar de stekker er even uit te te trekken, te unpluggen en weer tot mezelf te komen. Ik realiseerde me dat ik achter mijn eigen boek aan het aanrennen was en (nog) niet de tijd had genomen om dat wat ik had opgeschreven, diep op me in te laten werken. Hierop te reflecteren en mijn eigen positie hierin te duiden. Het ironische was, dit was blijkbaar ook niet bewust nodig: dit proces was op een onbewust niveau namelijk allang in gang gezet. Ik was mezelf voorbij gerend, gestruikeld en spreekwoordelijk op mijn hoofd gevallen. Mijn hoofd die werkelijk overvol zat. Zó vol dat ik merkte dat ik me steeds vaker slecht kon concentreren, verzoop in m’n eigen gedachten en snel overprikkeld was. Ik moest lacherig terugdenken aan de opmerking in mijn eigen boek, over het ontstaan van nieuwe aandoeningen zoals Infobesitas.

Infobesitas
Dit wordt ook wel data smog genoemd. Een overmatige inname van data, een informatie-overload die leidt tot dataverstopping en keuzestress en aan een overmatige prikkeling van zintuigen.

Naarmate de tijd verstreek begon ik de humor er echter steeds minder van in te zien. Ik had vóór het schrijven van mijn boek al naar mezelf en mijn nieuwsbrieflezers erkend en bekend dat ik verslaafd was aan mijn smartphone. Toen meende ik dat ik dit wel in haar volle omvang had (h)erkend. Er had wellicht een lampje moeten gaan branden toen ik van mijn soulmate een t-shirt kreeg met de tekst ‘I love you more than wifi’ ;)
De wérkelijke omvang werd me, niet veel later, heel erg pijnlijk duidelijk. Bij het herlezen van mijn boek legden namelijk vele passages ineens de vinger op de zere plek. Een hele zere plek. Ik had te erkennen dat ik in een deel van het boek volledig mezelf aan het beschrijven was.
Passages over het belang van tijd doorbrengen in de natuur, in beweging zijn, rust in te bouwen en van tijd tot tijd afstand te doen van je computer om tot jezelf te komen. Over hoe excessief computergebruik met name je linker hersenhelft activeert, je in je hoofd houdt, uit contact met je lijf. De nadelige gezondheidseffecten van de straling. De verslavingsgevoeligheid van smartphones, social media en het internet. Het internet, als digitale heroïne. Oei wat confronterend. Voor iemand als ik die het liefst de hele dag aan haar laptop zit gekluisterd, oneindig het internet over surft en ’s avonds met hetzelfde gemak overschakelt op haar smartphone en smart tv. Die met onwijs veel moeite naar buiten en fysiek in beweging te krijgen is. Wiens wereld zich voornamelijk in haar hoofd afspeelt. In verbinding met de kosmos, dat wel. Maar daar waar mijn kracht is, ligt tegelijkertijd mijn grootste valkuil.

Onlangs zei ik gekscherend tegen mijn partner: ik ben een Millennial die net iets te vroeg is geboren. Millennials, ook wel Generatie Y genoemd, zijn de generatie die geboren is tussen 1980 en 2000. In een wereld waarin de smartphone en het internet de norm is en bijna alles met een druk op de knop voorhanden is. Een generatie die niet bekend staat om haar geduld en uit gaat van gemak en instant gratificatie. Geluk en vrienden zijn online te ‘bestellen’ en geen berg is te hoog, totdat ze deze eigenhandig moeten beklimmen. Vanaf het begin van dit digitale tijdperk heb ik technologie omarmd, ben ik er dikke vriendjes mee geworden. Ook ík sta niet bekend om mijn geduld en verwacht veelal instant resultaat. Ergens gestaag en langdurig aan werken vind ik ontzettend moeilijk, bij het minste of geringste wijzig ik abrupt van koers of gooi ik de handdoek in de ring. Bovendien ben ik hooggevoelig, ontzettend snel afgeleid en verveeld, altijd op zoek naar iets nieuws. Nieuwe prikkels, nieuwe input. Dit resulteert veelal in oneindig in rondjes rennen, op zoek naar de perfecte ingang, de perfecte invalshoek, de perfecte vorm. Daarnaast wil ik iets wezenlijk bijdragen en heb ik hierin hoge verwachtingen. Al met al een recept om weinig echt gedaan te krijgen en, met een overactieve innerlijke criticus, gefrustreerd jezelf op te branden. Weer een gevoeligheid waar Millennials om bekend staan.

Ik beweeg me net zo makkelijk online, misschien zelfs makkelijker dan offline, met als risico meer en meer uit contact te raken met de ‘échte’, analoge realiteit. Gezien mijn onstilbare honger naar kennis, behoefte aan begrip en analyse. Mijn laptop, smartphone en tablet met wifi-verbinding zijn gewillig, altijd beschikbaar en klagen nooit. Zoveel was inmiddels duidelijk : ik was verstrikt geraakt in het (wereldwijde) web. Het web waar ikzelf uitvoerig over had geschreven. Niet plotsklaps, maar geleidelijk aan. Als een virtuele sluipmoordenaar. Ik was me er steeds meer in gaan begeven en was erdoor in haar greep geraakt, mezelf er beetje bij beetje in verloren. De grote spin lag op de loer, klaar om toe te slaan. Ineens begreep ik het: daarom raakte de materie me natuurlijk ook zo, toen ik me erin ging verdiepen. Daarom ging ik me er überhaupt in verdiepen, op onbewust niveau. Het was blijkbaar mijn manier van zelfonderzoek. Een pijnlijk confronterend zelfonderzoek.

In mijn boek spreek ik nadrukkelijk over het belang van Mens-zijn, met al haar kwaliteiten zoals empathie, liefde en aandacht. Te onderzoeken wat het eigenlijk betekent Mens te zijn en doe ik o.a. in het hoofdstuk Slow Tech een oproep dit te bewaken. Ervoor te zorgen dat technologie hieraan dienstbaar is, en blijft. Met name in de tijd waarin we nu leven. Juist dit Mens-zijn, met haar volledige emotionele spectrum is blijkbaar mijn grootste uitdaging. Meer dan ooit, want de digitale verleidingen liggen op de loer. En ze schreeuwen om mijn aandacht. Meer en meer zie ik in hoe onwaarschijnlijk gevaarlijk de smartphone kan zijn, mits onbewust gebruikt, en wat er werkelijk in en om ons heen gebeurt door deze Smart technologie(ën) . Hoe ikzelf steeds verder van mezelf af dwaalde. Hoe jouw en mijn aandacht en perceptie van de werkelijkheid gehacked worden. Wat het effect is op ons sociale en werkzame leven en meer nog: op de verbinding met onszelf. Inmiddels realiseer ik me dat ik ervaringsdeskundige pur sang ben en voel ik nóg meer de urgentie deze boodschap naar buiten te brengen. Zelfs ík heb het dermate onderschat. Verschrikkelijk onderschat. Voor nu ligt mijn focus op het bewust leren omgaan met technologie en het weer opeisen van mijn eigen aandacht en tijd. Zodat ik die bewust kan richten op wat voor mij werkelijk van belang is.

Wat ik ietwat hilarisch vond? Dat dit alles eigenlijk bijna zo vanzelfsprekend is dat het de spreekwoordelijke olifant in de kamer lijkt. Datgene wat we allemaal wel weten maar wat niemand hardop durft te zeggen. Laten we ons eerst richten op onze relatie met datgene wat we allemaal in onze broekzak dragen, in plaats van ons in dit stadium druk te maken over hoe kunstmatige intelligentie wellicht het einde van de mensheid inluidt. Dit komt later wel. First things first.

De grootste uitdaging van deze tijd is niet zozeer dat robots ons over gaan nemen maar dat we er juist zelf een worden.

Zelfs als ik dit typ steekt me dit, voel ik dat me dit diep raakt. Ik vind dit zo’n pijnlijk gegeven en zie dit steeds nadrukkelijker (in en) om me heen gebeuren. Zelfs subtiel gepromoot worden in de media: in films, games en series. Verandering kan pas starten wanneer je je bewust bent van wat er speelt, van wat aandacht nodig heeft. Je kunt immers niet iets veranderen als je het nog niet hebt (h)erkend. 

Ik heb mijn koers, mijn prioriteiten, inmiddels bijgesteld. Beweeg je met me mee?

Je kunt het artikel ook hier online lezen en/of downloaden door op onderstaande link te klikken:
Worsteling uit het Web

Meer lezen? Maak dan een account aan voor Soulvalley.

Ben je ook geïnteresseerd in het snijvlak van bewustzijn en computer technologie? Schrijf je in voor mijn Nieuws Update bovenaan deze pagina. Wil je meer van dit soort artikelen lezen, maak dan via bovenstaande button een account aan voor mijn virtuele platform Soulvalley, sluit je aan bij de Holistic Hacking community en schuif aan bij één van onze komende live meetups.

Tot snel, live of virtueel!

Digitale Detox - interview Straatkrant

Yfke Laanstra

In editie #7 van de Haagse Straatkrant (Mei 2018) is een interview van mij verschenen.

***

Mensen worden vlakker. Voelen zich afgesneden van zichzelf en anderen. Dat komt mede door de virtuele realiteit, zegt auteur Yfke Laanstra (41). ‘Hoe meer technologie je gebruikt, hoe meer natuur je nodig hebt.’

Tekst Judith Eykelenboom Foto’s Yfke Metz en Floriske Gerritsma

Wie denkt dat we de grootste technologische aardverschuiving na de komst van internet, smartphone en Artificial Intelligence (AI) achter de rug hebben, heeft het mis volgens Yfke Laanstra, auteur van Bits, Bytes en Bewustzijn. De schrijver en oprichter van platform Soulvalley waarschuwt: “We staan aan het begin van een exponentiële groeicurve wat betreft technologische ontwikkelingen. Als the sky the limit is, moeten we ons af gaan vragen wat we willen. Cyborgs? Onsterfelijkheid? Ons bewustzijn op een microchip? Of moeten we eerst ons eigen potentieel herontdekken voordat we gaan rommelen met dingen die ons verstand te boven gaan?”

Innerlijk weten
“Met de komst van de technologie en de hoge vlucht die dat genomen heeft, voelen steeds meer mensen zich afgesneden. Ons innerlijk weten is als het ware overgenomen door technologie. We vertrouwen steeds minder op de signalen van ons eigen lichaam, maar zoeken de informatie buiten onszelf. Wie contact heeft met iemand via een beeldscherm, kan diegene niet aanvoelen (via het astrale lichaam, zie kader) en niet ruiken (via het fysieke lichaam).” Aspecten van ons mens-zijn raken mogelijk onderontwikkeld en kunnen uiteindelijk zelfs uitdoven, aldus Laanstra.
“En wist je dat gebleken is dat een basiselement in het ontstaan van verslaving het gebrek aan verbinding is? Dit kwam naar voren in een onderzoek van de Canadese professor Psychologie Bruce Alexander in 1930. Hij plaatste een rat alleen in een kooi met twee drinkvoorzieningen: in de ene zat gewoon leidingwater en in de andere heroïnewater. Binnen afzienbare tijd raakte de rat verslaafd en stierf aan een overdosis. Bij andere ratten die alleen zaten, gebeurde precies hetzelfde. Toen ontwierp hij Rat Park: een ruime kooi met meerdere ratten, zachte stoffen, speeltjes en ontdekkingsmogelijkheden. Weer hadden de ratten de keuze wat ze dronken. Geen enkele rat raakte verslaafd. Zelfs ratten die eerst in de kale kooi hadden geleefd, raakten hun verslaving binnen de kortste keren kwijt.”

Gevoelens maskeren
Het aantal heroïneverslaafde mensen is tegenwoordig misschien niet zo hoog, maar internet, dat is een ander verhaal. “Veel mensen hebben hun technologieconsumptie niet in de hand. Laanstra: “Het Internet is de grootste vorm van drugs die ooit is uitgevonden. Wanneer iets ingezet wordt om kunstmatig bepaalde gevoelens op te roepen of juist te maskeren is het in potentie een verslavend middel.”
Nu we aan het begin staan van een exponentiële groeicurve is het volgens Laanstra van essentieel belang ‘onze verloren data’ op te halen. Want als we niet weten wie we zelf zijn en waartoe we zelf toe in staat zijn, waarmee onze biocomputer (zie kader) al van nature is uitgerust, hoe kunnen we dan de technologie voor ons laten werken in plaats van dat het met ons op de loop gaat?
In het tweede deel van haar boek Bits, Bytes en Bewustzijn gaat ze in op fenomenen die nu al in ontwikkeling zijn, maar voor de meeste mensen een ver-van-hun-bedshow lijken. “Denk aan cyborgs, waarbij mens en machine samensmelten en denk aan aanhangers van Super Longevity, waar sterven als onze grootste epidemie wordt beschouwd en we door middel van technologie onze tijd op aarde kunnen veranderen van ‘hoe lang ons lichaam het toelaat’ in ‘hoe lang we willen’. Aubrey de Grey, Brits biomedisch gerontoloog en bio-informaticus, doet hier al jaren intensief onderzoek naar en heeft een enorm grote groep sympathisanten.”

Bill Gates
Super Longevity maakt deel uit van de Transhumanisme-beweging, een stroming waarbij computertechnologie ingezet wordt als middel om onze evolutie te versnellen. Andere pijlers hiervan zijn Super Intelligence waar Artificial Intelligence (AI) onder valt en Super Wellbeing waar emoties en pijn gezien worden als beperkingen die we weg kunnen programmeren. Momenteel is Ray Kurzweil de voornaamste en meest bekende ambassadeur van het Transhumanisme. Hij is uitvinder, wetenschapper, auteur, ondernemer en technisch directeur van Google. Hij wordt financieel gesteund door Bill Gates van Microsoft en de grote baas achter Google, Eric Schmidt. Informatie als deze verspreidt Yfke Laanstra ook gratis op haar platform Soulvalley en de gelijknamige app. Beide te vinden op haar website, waar geïnteresseerden zich kunnen inschrijven.
Het doel van haar boek is niet zozeer antwoorden geven – hoe de toekomst er precies uitziet of wat hierin goed of fout is, – maar vragen stellen. Over hoe technologie zich verhoudt tot ons mens-zijn, welzijn en bewustzijn. Weten we waar we mee bezig zijn als we gevoelige informatie op Facebook zetten? Hebben we in de hand in welke mate ons leven door technologie beheerst wordt?

Dertig schermen
Laanstra: “Nadat Bits, Bytes en Bewustzijn was verschenen, werd ik door het hele land gevraagd om lezingen te geven. Maar plotseling dacht ik: wat wil ik eigenlijk écht zeggen? Het boek stipt allerlei vraagstukken aan over de toekomst van de mens maar in de realiteit is er al zoveel gaande waardoor ons leven van alledag wordt beïnvloed. Het begint namelijk nu pas werkelijk tot me door te dringen hoe verslavend smartphones zijn en wat het effect op me is (geweest) van het zoveel tijd doorbrengen achter allerlei beeldschermen. Nu begin ik mijn eigen worsteling hierin te erkennen. Hoe ironisch is dat? Ik ben zo diep in het onderwerp gedoken dat ik er bijna in verzopen ben. Soms had ik dertig schermen openstaan, allemaal interessante dingen waar ik meer over wilde weten, maar ik had de concentratie niet om het allemaal rustig te lezen. Vorig najaar heb ik letterlijk de stekker er even uit getrokken. Digitale detox en tijd voor reflectie. Het viel me zwaar, maar waarschijnlijk is het juist daarom mijn roeping om mensen bewust te maken van schermverslavingen. Vorige week heb ik mijn agenda helemaal leeggemaakt voor de komende periode. Ik ga nog een boek schrijven, dit keer meer toegepast over hoe we bewust om kunnen gaan met technologie. Welke stappen we kunnen ondernemen om de technologie voor ons te laten werken in plaats van tegen ons.”

Dijkwoning
Laanstra woont sinds december 2016 in Lage Zwaluwe in Brabant, waar eens per uur een bus rijdt naar het stationnetje, in een oud dijkhuis waarachter zich weilanden uitstrekken tot aan de horizon. “Ik heb drie jaar in Den Haag gewoond, in Wateringse Veld. Ik heb daar met m'n toenmalige man een huis gekocht. Ik werkte toen als MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen) manager bij de Etam Groep in Zoetermeer. Door onze scheiding ben ik verhuisd naar Hoogvliet in Rotterdam, waar ik vijf jaar heb gewoond. Toen werkte ik zelfstandig vanuit huis, als Web/App Designer en Virtual Assistant. Daarna hebben mijn huidige vriend en ik deze dijkwoning gekocht in Lage Zwaluwe.”
In de woonkamer staat een immense smart tv, maar verder maakt Laanstra geen gebruik van het Internet of Things- bij haar koffiezetapparaat moet ze zelf op het knopje drukken. Op de bank zit haar vriend. Hij is al enige maanden uit de running door ziekte – zijn lichaam wil hem iets vertellen.
Laanstra: “Pijn en lijden heeft een functie. Maar mensen zijn op zoek naar instant geluk: plug & play. Stel dat je je brein kunt upgraden met een computer, schiet je dan niet je doel voorbij? Het zou betekenen dat we alleen ons fysieke lichaam zijn, dat alles te vatten is in nulletjes en eentjes. Die connectie is vaak ver te zoeken en die heeft een ander soort voeding nodig.” Ze wijst naar de weilanden. “Wij proberen nu zo vaak mogelijk te gaan wandelen in de natuur, om ons op die manier op te laden. Want vanuit een gezonde connectie met de natuur ga je ook andere keuzes maken met betrekking tot het gebruik van bijvoorbeeld een smartphone. Je legt hem sneller weg. De verslaving heeft minder vat op je. Hoe meer technologie je gebruikt, hoe meer natuur je nodig hebt.”

Connectie met natuur
Connectie is waar het om gaat: connectie met de natuur, connectie met andere mensen, connectie met je intrinsieke waardes. “Je ziet tegenwoordig alleen nog maar kinderen die voor een scherm zitten of er zelfs mee over straat lopen. Mensen worden vlakker, ik zie het overal om me heen. Persoonlijk contact zakt weg. Weinig mensen maken echt contact, het scherm is een surrogaat geworden. Als je ergens bent zonder wifi, zeg je dat je geen connectie hebt, maar het tegendeel is eigenlijk waar: er is ruimte voor echte connectie, je wordt gedwongen met elkaar te praten.
Veel ouders beseffen niet wat dit betekent voor hun kinderen, wat het doet met de bedrading in hun brein. Ze worden continu getriggerd om op prikkels te reageren, ze worden getraind in afleiding. Zo zijn ze niet meer in staat om een lange focus te hebben bijvoorbeeld, om diep werk te verrichten.”
Haar vriend komt ook aan de keukentafel zitten, hij hoort het gesprek vanaf het begin aan. Hij zegt: “Als er vroeger in de klas werd voorgelezen, ik herinner me Pinkeltje, konden we uren luisteren, erbij wegdromen. Nu vinden kinderen een boek saai. In elke klas staat een smartboard, lessen worden visueel gemaakt, anders kunnen ze zich niet concentreren.”
Maar wat nog zorgwekkender is volgens Laanstra is de emotionele armoede die ze bij kinderen bespeurt. “Er is gebrek aan verbinding, aan diepgaande ervaringen. Kinderen hebben een liefdevolle bedding nodig, ouders en andere mensen die emotioneel beschikbaar zijn. Een computer kan dat niet vervangen. Je ziet steeds meer kinderen op zeer jonge leeftijd met een burn-out of aandoeningen als bijvoorbeeld ADD en ADHD.”

Nadenken
“Het laatste dat ik wil is mensen de les lezen – van zo moet je er mee omgaan. Ik hoop alleen dat mensen zelf na gaan denken. Dat ze op hun gedragingen en die van hun kinderen gaan reflecteren, want veel mensen staan er simpelweg niet bij stil wat de gevolgen kunnen zijn voor ons mens-zijn door de komst van technologie. En ik stel absoluut het mens-zijn bovenaan. Ik hoop dat mensen een gesprek aangaan met hun kinderen en zelf het goede voorbeeld geven, hun smartphone bijvoorbeeld wat vaker wegleggen of niet tijdens het eten gebruiken.

Mijn tweede boek, waar ik net aan begonnen ben, gaat over het praktisch toepassen van alles wat er mogelijk is, maar het wordt ook een veel persoonlijker boek. Want dat ik zelf rete-verslavingsgevoelig ben voor computers is me inmiddels pijnlijk duidelijk geworden.
Er zijn ook allerhande apps om bijvoorbeeld dichter bij jezelf te komen en te blijven, zoals meditatie-apps en apps die je helpen je schermtijd te beperken. Zodat je bijvoorbeeld na vijf uur 's middags niet meer bij je mail kunt. Dieptriest dat je zoiets nodig hebt, maar mij helpt het. Ik ben mijn eigen proefkonijn. Een meditatie-app is een mooie toepassing, dat je elke ochtend door je telefoon geroepen wordt om zoiets te gaan doen, maar bij mij sloeg de innerlijke criticus mij om de oren want ik had op een zeker moment te veel apps die me attendeerden op wat ik allemaal zou moeten doen die dag. Ik heb de app(s) verwijderd en probeer hierin nu meer op mijn intuïtie te varen.”

Machine
Dat het een mooie manier is om mensen te introduceren met meditatie, wil Laanstra vooral niet ontkrachten. “Onderzoek het voor jezelf. Ervaar het. De thematiek van Bits, Bytes en Bewustzijn was onder andere in hoeverre we overgenomen worden door machines, nu is mijn thematiek ervoor zorgen dat we zelf geen machine worden.”
En ook: weten hoe manipulatie werkt en hoe je daardoor beïnvloed wordt. “Als ik als zoekopdracht op Google ‘Egypte’ intyp, krijg ik andere resultaten dan wanneer jij hetzelfde woord intypt. Je krijgt steeds minder dingen te zien waar je het niet mee eens bent, en dat kan gevaarlijk zijn.”

*kader*

De mens als biocomputer
Yfke Laanstra vergelijkt de mens met een biocomputer. Zoals een computer niet alleen een kast en een beeldscherm is, is een mens meer dan een lichaam van vlees en bloed. De virtuele wereld is opgebouwd uit nulletjes en eentjes, bits en bytes. Mensen zijn opgebouwd uit energie en frequenties. De ‘software’ van de mens bestaat volgens Yfke Laanstra uit:
-Het mentale lichaam: gedachten, oordelen, veronderstellingen, herinneringen en overtuigingen;
-Het emotionele lichaam: gevoelens, verlangens en emoties,
-Het astrale lichaam: levensenergie, het fijnstoffelijke lichaam,
-Het spirituele lichaam: waarmee we ervaren dat alles met elkaar is verbonden en alles uit dezelfde bron komt.

*kader*

Holistisch perspectief
Mensen zijn onderdeel van het geheel en tegelijkertijd dragen we alle informatie in ons, aldus Yfke Laanstra. Net zoals in al onze cellen het geheel is weerspiegeld. In een teencel zit ook de informatie over de kleur van ons haar. “We bestaan niet uit onafhankelijk van elkaar opererende onderdelen. Spijtig genoeg ziet onze reguliere geneeskunde dat nog wel zo. Werkelijke genezing vindt plaats op alle lagen, vanuit holistisch perspectief. Iedere biocomputer heeft een Operating System (OS) een diep programma dat in ieder van ons onderbewustzijn draait: onze collectieve en individuele missie. Dit programma kan worden geactiveerd door de bewuste waarneming hiervan en het maken van bewuste keuzes waardoor we andere commando’s gaan gebruiken om onze werkelijkheid vorm te geven. Andere commando’s in de zin van andere gedachten, overtuigingen, emoties en intenties om deze missie te dienen.” Ga maar na. Zeg je bijvoorbeeld tegen jezelf ‘Ik hou van je en ik waardeer je’, voel en gedraag je je heel anders dan wanneer je tegen jezelf zegt ‘Doe je het nou weer verkeerd?’.

Je kunt het artikel als PDF format downloaden via onderstaande link downloaden:
Straatkrant_interview

Meer lezen? Maak dan een account aan voor Soulvalley.

Ben je ook geïnteresseerd in het snijvlak van bewustzijn en computer technologie? Schrijf je in voor mijn Nieuws Update bovenaan deze pagina. Wil je meer van dit soort artikelen lezen, maak dan via bovenstaande button een account aan voor mijn virtuele platform Soulvalley, sluit je aan bij de Holistic Hacking community en schuif aan bij één van onze komende live meetups.

Tot snel, live of virtueel!


Top